UTRECHT – Op 14 december organiseerde de extreemrechtse groepering Nederlandse Volks-Unie (NVU) een protest tegen de uitbreiding van het asielzoekerscentrum aan de Europalaan. Onder leiding van New Neighbours, een naar eigen zeggen “groeiende groep Utrechters die gelooft in een samenleving waar ieder zich thuis mag voelen”, werd een tegendemonstratie georganiseerd. De groepen kwamen – met politiebewaking ertussen – pal tegenover elkaar te staan. Verslaggever Daniël Everts blikt met verschillende betrokkenen terug op de protestdag en staat stil bij het demonstratierecht zoals dat in de Grondwet staat vastgesteld: het recht om binnen zicht- en gehoorafstand van datgene waartegen je demonstreert te mogen demonstreren.
Binnen zicht- en gehoorafstand
New Neighbours is nog altijd kritisch op de beslissing van burgemeester Sharon Dijksma om het protest van de NVU doorgang te geven vlak voor het asielzoekerscentrum. Via een woordvoerder gaf de burgemeester daar de volgende schriftelijke reactie op:
“De reden dat de twee demonstraties op dezelfde plek plaatsvonden, is dat het demonstratierecht een grondrecht is dat is vastgelegd in de Grondwet. Dat houdt in dat mensen mogen demonstreren, binnen zicht- en gehoorafstand van datgene waartegen zij demonstreren, ook als hun boodschap schuurt. De gemeente mag een protest alleen beperken of verplaatsen als daar zwaarwegende redenen voor zijn, zoals een concreet risico voor de openbare orde, en zelfs dan moet de maatregel proportioneel zijn. Een verbod is pas toegestaan als minder ingrijpende maatregelen (zoals extra politie-inzet of voorwaarden aan duur van de demonstratie) onvoldoende zijn.”
“Overigens heeft de gemeente ook contact gelegd met het COA zodat zij hun bewoners konden informeren en desgewenst afschermen van hetgeen buiten plaatsvond.“
