UTRECHT – Kunstmatige intelligentie verandert het onderwijs ingrijpend, maar maakt leraren en kennis niet overbodig. Volgens Josien Boetje van de Hogeschool Utrecht blijft juist vakkennis essentieel om AI kritisch en verantwoord te gebruiken. De uitdaging ligt volgens haar in het opleiden van toekomstige experts die technologie begrijpen én kunnen sturen.
‘Als je nu een expert bent, kun je heel veel uit zo’n chatbot halen,’ zegt Josien. ‘Maar daar heb je ook heel veel kennis voor nodig om kritisch te beoordelen wat er uitkomt. De grote vraag is dus hoe we de experts van de toekomst opleiden.’
Rol
Josien werkt als lerarenopleider digitale geletterdheid aan de Hogeschool Utrecht. Daarnaast doet ze onderzoek naar de vraag hoe studenten en toekomstige leraren leren om AI kritisch te gebruiken. Volgens Josien kan technologie veel taken automatiseren, maar blijft menselijke expertise noodzakelijk bij complexe vraagstukken.
Veel eenvoudige of herhalende werkzaamheden kunnen volgens haar door AI worden overgenomen. Juist daarom wordt het belangrijk dat professionals begrijpen hoe ze technologie moeten aansturen en controleren.
Kennis
Hoewel AI snel antwoorden kan genereren, betekent dat niet dat kennis minder belangrijk wordt. Integendeel, zegt Josien. Om goede opdrachten te geven aan een AI-systeem is juist veel vakinhoudelijke kennis nodig.
Beginners halen vaak minder uit zulke systemen dan experts. Dat komt doordat experts beter weten welke vragen ze moeten stellen en hoe ze de uitkomsten moeten beoordelen. Volgens Josien wordt dit soms de kennisparadox genoemd: hoe slimmer de technologie, hoe belangrijker menselijke kennis wordt om die technologie effectief te gebruiken.
Gebruik
Het volledig uitbesteden van opdrachten aan AI is volgens Josien risicovol. Wie een taak van begin tot eind door een chatbot laat uitvoeren zonder controle, loopt een grote kans op fouten.
Tegelijkertijd kan AI wel nuttig zijn voor eenvoudige of routinematige taken, zoals het controleren van spelling. De vraag is vooral wat het doel is van het gebruik. Voor professionals kan automatisering tijd vrijmaken voor complexere taken. Voor studenten ligt dat anders.
Tijdens het leerproces blijft oefenen namelijk essentieel. Wie alles uitbesteedt aan AI, leert zelf minder.
Onderwijs
De opkomst van AI heeft ook gevolgen voor de manier waarop docenten toetsen en lesgeven. Opdrachten die thuis worden gemaakt, kunnen tegenwoordig eenvoudig met behulp van AI worden geschreven. Daardoor wordt het moeilijker om te controleren of werk daadwerkelijk door studenten zelf is gemaakt.
Docenten zullen daarom vaker in de klas moeten toetsen of hun opdrachten moeten aanpassen. Tegelijkertijd groeit de behoefte aan onderwijs over kritisch AI-gebruik, zodat studenten leren wanneer en hoe ze de technologie verantwoord kunnen inzetten.
Toekomst
De technologische ontwikkeling gaat snel. Nieuwe vormen van zogenoemde agentic AI kunnen steeds vaker zelfstandig taken uitvoeren. Dat roept volgens Josien ook nieuwe ethische en juridische vragen op.
Als AI bijvoorbeeld delen van het werk van docenten kan overnemen, kan dat voordelen hebben zoals gepersonaliseerd leren of meer efficiëntie. Maar het roept ook de vraag op wat er verloren kan gaan wanneer technologie een grotere rol krijgt.
Volgens Josien moet daarom opnieuw worden nagedacht over het doel van onderwijs. Gaat het alleen om het opleiden van professionals, of speelt ook de persoonlijke ontwikkeling van studenten een belangrijke rol?
Foto: Josien Boetje
